Handhaafbaar of drijfzand?
De rechtbank Oost-Brabant waarschuwt handhavers met een uitspraak in een zaak tussen een provincie en een groenrecyclingbedrijf voor hun verantwoordelijkhed voor een duidelijke en actuele vergunning. Als niet duidelijk is wat er precies is aangevraagd en vergund, komt deze onduidelijkheid voor risico van het bevoegd gezag en niet voor risico van de vergunninghouder.
Deze column van Stijn Boot verscheen in het tijdschrift Afval! van februari 2018.
De provincie Noord-Brabant meende dat een groenrecyclingbedrijf zich in meerdere van haar vestigingen schuldig maakte aan overtredingen. Het bedrijf zou de vergunde verwerkingscapaciteit overschrijden en handelingen uitvoeren met materiaal zonder dat die handelingen zijn vergund. De provincie besluit dan ook handhavend op te treden. Het leidde tot een groot aantal lasten onder dwangsom en besluiten over het invorderen van verbeurde dwangsommen. Het bedrijf maakt tegen die besluiten bezwaar, maar de provincie hield voet bij stuk. Uiteindelijk moest de rechtbank Oost-Brabant over de geschillen oordelen. De rechtbank geeft in de uitspraak van 22 december 2017 (ECLI:NL:RBOBR:2017:6669) een principieel antwoord op de vraag voor wiens risico een onduidelijke vergunning komt. Voor de provincie bleek de vergunning drijfzand te zijn…
De provincie stelde dat bij herhaling de maximale bewerkingscapaciteit werd overschreden. De bewerkingscapaciteit zou worden overschreden omdat de provincie oordeelde dat het zand dat onvermijdelijk met het groenafval wordt meegevoerd naar de inrichting zou moeten worden meegeteld voor het berekenen van de bewerkingscapaciteit. Opmerkelijk is het dat in de vergunning en in de voorschriften geen acceptatiehoeveelheid is vergund, maar alleen een productiehoeveelheid. De provincie probeerde het standpunt desondanks te onderbouwen door te verwijzen naar de vergunningaanvraag die onderdeel uitmaakt van de vergunning. De rechtbank gaat hier echter niet in mee. De vergunning(aanvraag) is volgens de rechtbank onduidelijk en tegenstrijdig, terwijl zeefzand dat vóór een bewerking al vrijkomt volgens de rechtbank moeilijk kan worden gezien als onderdeel van de (latere) bewerkingscapaciteit. In gelijke zin oordeelde de rechtbank over het verwijt van de provincie dat niet-vergunde handelingen met zeefzand werden uitgevoerd. De rechtbank overwoog dat die stelling niet kan steunen op de tekst van de vergunning en nog erger: dat die handelingen gewoonweg gezien zouden kunnen worden als onderdeel van de vergunde op- en overslag van zand.
Die rechtbank beargumenteert deze uitkomst op een - naar mijn mening - verdedigbaar en helder uitgangspunt. De rechtbank stelt namelijk voorop dat als niet duidelijk is wat er precies is aangevraagd en vergund, deze onduidelijkheid voor risico van het bevoegd gezag komt en niet voor risico van de vergunninghouder. Het is immers de provincie die aannemelijk moet maken dat er wordt gehandeld in afwijking van de vergunning. Er mag namelijk pas een last onder dwangsom worden opgelegd als er sprake is van een overtreding. Als de provincie dit risico had willen vermijden, dan had men maar een duidelijke vergunning moeten verlenen of met toepassing van artikel 2.31, tweede lid onder b, van de Wabo door middel van een (ambtshalve) wijziging de eerder verleende vergunning moeten verduidelijken in het belang van de bescherming van het milieu. Dan had in die procedure de discussie over de inhoud van de vergunning en de aanvraag kunnen plaatsvinden. Dit klemt volgens de rechtbank temeer omdat het om een afvalstoffeninrichting gaat. Vóór de inwerkingtreding van de Wabo werden vergunningen voor afvalstoffeninrichtingen verleend voor een periode van 10 jaar. Deze wettelijke beperking is met de inwerkingtreding van de Wabo vervallen, maar dat hoeft bevoegde gezagen er niet van te weerhouden (volgens mij het tegendeel!) om oude vergunningen te actualiseren of te verbeteren met duidelijker voorschriften om discussies zoals in deze zaken te voorkomen.
Daarom vernietigt de rechtbank de meeste handhavingsbesluiten en geeft daarmee een belangrijke waarschuwing aan handhavers: zorg dat de vergunning duidelijk en actueel is voordat je gaat handhaven. Zo je dat niet doet: zand erover!